Limburgs leerlingenvervoer heraanbesteed na uitspraak semantische beoordeling kwaliteit

De gemeente Weert moet een aanbesteding voor het leerlingenvervoer in Horn heraanbesteden. Dat is het gevolg van een gerechtelijke uitspraak over de aanbesteding voor het vervoer van basisschoolleerlingen van en naar gymnastiekaccommodaties. Een waar drama voor de inkopers, die nu helemaal opnieuw moeten beginnen terwijl het schooljaar nog maar een maand weg is en de leerlingen toch echt moeten gymmen.

Taxi Horn, de verliezer van de aanbesteding, stelt dat de gemeentes niet mochten middelen maar dat het ervan uit had mogen gaan dat alle gemeenten apart zouden beoordelen over het leerlingenvervoer in hun gemeenten.

Het bestek wordt in de uitspraak beoordeeld op de betekenis die partijen daaronder mochten verwachten van elkaar en dat wordt altijd lachen als rechters het gaan hebben over betekenis, omdat ze van taalkunde verder geen enkel vak verplicht gevolgd hebben en ook van formele semantiek niets weten. In het navolgende zullen we even een poging doen om betekenis te destilleren uit de uitspraak, ook voor bevreesde inkopers die een vergelijkbaar noodlot willen ontkomen.

Wat staat er in het bestek:

Er is een beoordelingscommissie, die bestaat uit drie personen. Die drie beoordelaars beoordelen ieder apart de inschrijving “de inschrijvingen worden … onafhankelijk van elkaar getoetst”. De beoordelingen zijn tot op zekere hoogte subjectief (“semantisch”), zodat er onderlinge verschillen kunnen bestaan in de beoordeling. Om tot het gewogen puntentotaal te komen, wordt het aantal gescoorde punten (score x factor) gedeeld door drie.

Waarom 3 nou, er zijn 3 beoordelaars, twee uit weert en een uit Nederweert. Er staat score x factor dat is dus score keer Wegingsfactor. Taxi Horn vindt dat oneerlijk en stelt in het vonnis dat het ervan uit mocht gaan dat Nederweert even zwaar meetelde.

Bij het bestek zit helaas ook een voetnoot.

 “De kwaliteit wordt semantisch beoordeeld door de opdrachtgever (elke gemeente apart en daarna gemiddeld) met niet, matig, voldoende of uitmuntend.”

Subjectief betekent dus volgens de inkoper “semantisch”, tenminste volgens de hoofdtekst. Dat is zowel taalkundig als volgens de formele logica een erg onorthodoxe invulling van het begrip semantisch. Rechters en inkopers zijn over het algemeen weinig bekend met taalkunde en logica, daar hoef je gewoonlijk ook niets van te weten. Rechters beperken zich dan ook tot hun wettelijke taak: welke betekenis mag je daar als inschrijver nu aan geven ongeacht of dat enigszins met de werkelijkheid overeenstemt, dus dat doen ze vrij van alle taalkundige of logische invullingen daarvan.

©Wikipedia 2019

Semantiek

Even voor de leken en dat zijn we uiteindelijk allemaal.Wat semantiek betekent, hangt er maar van af.

Semantiek is taalkundig het beoordelen van een uiting op inhoud, dat wil zeggen: letterkundig gezien betekent dat niet wat de rechter kletst en ook niet wat in de Van Dale staat, hoogstens dat wat onder lemma 1 staat en alle bijbetekenissen dus niet. Naast de betekenis heb je ook een communicatieve bedoeling van een bepaald woord, als je bijvoorbeeld domme koe zegt en je bedoelt daarmee niet letterlijk dat het gaat om een koe met weinig verstand c.q. een laag i.q, maar bijvoorbeeld een meer pejoratieve betekenis. Dat valt onder de pragmatiek en daarmee dús niet de semantiek. Dat is dus de taalkundige betekenis.

Dan hebben we het niet over de semantiek in de taalfilosofische zin van het woord. Taalkunde denkt van zichzelf exclusief bevoegd te zijn tot het gebruik van het woord semantisch maar taalfilosofen gebruiken dit woord dus ook, op de Nederlandse Wikipedia pagina wordt dat “formele semantiek”genoemd, maar niet voor niks leidt dat in de Engelse Wikipedia door naar de pagina “semantiek”. Het is niet zo dat iemand een patent heeft op de term. Dus je kan dat als inkoper ook in je bestek zetten. Maar, tip voor inkopers, je moet daar dus wel mee oppassen.

Taxibedrijf Horn stelt dat de inkoopleidraad niet duidelijk is.

Zij stelt dat zij op grond van de in 4.5 geciteerde tekst (de hoofdtekst) ervan mocht uitgaan dat zij per onderdeel van de uitvraag de in de tabel genoemde score – 0, 3, 6 of 10 – kon behalen (“de opdrachtgever beoordeelt de kwaliteit met niet, matig, voldoen of uitmuntend”), zodat het puntentotaal (op het onderdeel duurzaamheid, gewaardeerd met factor 3) 0, 9, 18 of 30 zou zijn. Tevens mocht zij verwachten dat elke gemeente apart zou beoordelen (“elke gemeente apart”). De wijze van middelen stelt zij ter discussie, gehoord ook de toelichting van de gemeenten ter zitting, door te wijzen op de onevenwichtige samenstelling van de beoordelingscommissie.

Nu het woord zich dus in betekenis nog verder uitstrekt tot de duiding van de betekenis van inkoopleidraden, omdat dat door de deelnemers wordt betwist, komt de rechter eraan te pas.

De rechter vindt het allemaal onduidelijk, blijkt uit de volgende passage, r.o. 4.8:

De voorzieningenrechter is van oordeel dat de zinsnede “de opdrachtgever (elke gemeente apart en daarna gemiddeld) [beoordeelt] met niet, matig voldoende of uitmuntend” enerzijds niet te rijmen is met een beoordelingscommissie van drie personen, waarvan de samenstelling zo is dat het oordeel van een gemeente zwaarder weegt dan het oordeel van de andere (verhouding 2 staat tot 1) en waar door drie wordt gedeeld en anderzijds niet te rijmen is met de zinsnede “elke gemeente apart en daarna gemiddeld”. Gezien de objectieve (gebruikelijke) betekenis van de bewoordingen van de hoofdtekst en de voetnoot, die niet anders dan in samenhang moeten worden gelezen, is immers onduidelijk of de score van “de opdrachtgever” op kwaliteit een 0, 3, 6 of 10 is of een gemiddelde (met de breuk 1/3 of 1/2) daarvan.

Laten we maar even taalkundig semantisch duiden wat de betekenis is van de woorden in het vonnis. Objectieve in deze rechterlijke uitspraak wordt dus gevolgd door een tekst tussen haakjes met daarin het woord “gebruikelijke”. Maar in tegenstelling tot in de bestekleidraad, kan dat haast niet als definitie bedoeld zijn. Gebruikelijk is bepaald niet hetzelfde als objectief, in taalkundige zin semantisch noch pragmatisch. De score van de opdrachtgever? Het is toch de opdrachtnemer die scoort? Een gemiddelde deel je toch altijd door het aantal en de keuze is sowieso niet tussen de gewichten of het gemiddelde; het idee van een gewogen gemiddelde is: je kent een gewicht toe aan je waarden en neemt dan het gemiddelde? Over wat voor objectieve/gebruikelijke betekenis de rechter het heeft: Joost mag het weten.

Scoreberekening

Maar daar gaat het de rechter dus niet om. Het gaat de rechter niet om de scores maar omdat het onduidelijk is hoe het berekend wordt. Maar wat de rechter dan niet duidelijk is, dat is nog best ingewikkeld. Volgens de rechter is het niet duidelijk, wat voor beoordeling volgt uit het bestek. Maar bij de uitleg van wat er nu niet duidelijk is, gaat het behoorlijk mis. Laten we maar even wiskundige termen gebruiken voor het gemak als het gaat om het berekenen van het gemiddelde. Je hebt een rekenkundig gemiddelde. Dat is wat we allemaal kennen; in het rijtje 1,2,3,4  is de som gedeeld door het aantal, dus 10/4 het gemiddelde en dat is dus 2,5. En je hebt een gewogen gemiddelde. Dat is met scores. Er zijn nog wel meer gemiddelden maar die laten we even buiten beschouwing.

Op het moment dat je nu aan iets subjectiefs een cijfer gaat hangen, bijvoorbeeld door aan beantwoording een score toe te kennen, is het dus zaak dat je dat een beetje innerlijk consistent doet. Als je aan vraag 1 een score van bijvoorbeeld 10/20/30 koppelt, kun je niet bij vraag 2 ineens aankomen met een score van 500/1000/10000 want dan is vraag 1 eigenlijk “zinloos” omdat het geen invloed heeft op je eindscore. Je moet dus een idee hebben van het belang van de vraag, ten opzichte van de andere vragen, voordat je scores kan toekennen aan die vraag om er opgeteld tot een ander getal uit te komen. Je weging moet bovendien opgeteld 100% zijn.

Als je nu voor al die vragen een scoreberekening hebt bedacht, moet je dat gaan middelen. Dat is dus altijd een gewogen gemiddelde. Dat kun je op verschillende manieren doen: gewogen rekenkundig of gewogen harmonisch. Maar je moet dus altijd wel een gewicht aan de score toekennen, ten opzichte van de andere score, voordat je scores gaat middelen. Je kan niet aan een gewogen gemiddelde komen, zonder te wegen. Door een scoremogelijkheid aan een vraag toe te kennen, heb je er al een gewicht aan gehangen. Het is dan alleen nog de vraag hoe je dat middelt.

Objectief gebruikelijk

Hoe dat dan gebeurt, staat ook in het bestek. Dat is voor de volledigheid ook geciteerd in het vonnis. We hebben het onderaan dit artikel staan, dan kan de onschuldige inkoper zien, of t aan hem ligt.  Je kan een 0,3,6, 10 scoren, en Om tot een gewogen score te komen worden de behaalde punten (0-10) vermenigvuldigd: – Het plan van aanpak factor 4 – Duurzaamheid factor 3 – Het risicoplan factor 2 – Het kansenplan factor 1.

Wat zegt de rechter daar nu over.

Gezien de objectieve (gebruikelijke) betekenis van de bewoordingen van de hoofdtekst en de voetnoot, die niet anders dan in samenhang moeten worden gelezen, is immers onduidelijk of de score van “de opdrachtgever” op kwaliteit een 0, 3, 6 of 10 is of een gemiddelde (met de breuk 1/3 of 1/2) daarvan.

Als warrige jurist en filosoof met ooit een 6 voor wiskunde A in je pakket ben je dus ook geen wiskundige. Uitleggen hiervan, gaat me vast minder goed af dan mensen die wiskunde gestudeerd hebben. Maar dat hoef je niet te hebben om te zien dat niet klopt wat er staat.

Hypothetisch kan er natuurlijk bewust voor zijn gekozen om het pad van de wiskunde te verlaten en af te wijken van de norm van innerlijke consistentie omdat je daar als rechter toch altijd wel mee wegkomt omdat hogere rechters niet ingaan op je wiskundige capaciteiten. Het lijkt er een beetje op, maar dat is maar hoe zeg je dat subtiel, dat de rechter niet bekend is met het concept gewogen gemiddelde en nu vraagt of je het gewogen wil of met een gemiddelde. En of je een gemiddelde nu berekent door te delen door het aantal beoordelaars of door een aantal dat je gezelliger vindt, omdat het resultaat je beter uitkomt. Maar misschien lezen we rechtsoverweging 4.8 verkeerd.

Dan kan het nog wel onduidelijk zijn hoe de score nu wordt berekend. Zeker ook voor de inschrijvers. De vraag van Taxi Horn is begrijpelijk. Je kan een gewogen gemiddelde op veel manieren berekenen. We kunnen als redactie de bestekleidraad er niet bij pakken, die wordt hangende uitspraken niet gepubliceerd, of het duidelijk is, hoe dit wordt berekend, kunnen we voorlopig niet nagaan. Maar wat in de uitspraak staat is al wel genoeg om te zien dat er van de uitspraak niet veel klopt. Het verklaart ook waar de zesjescultuur op de rechtenfaculteit vandaan komt.

Apart en daarna gemiddeld

De voetnoot had op zich weinig toegevoegd en was beter geheel weggelaten want nu gaat de rechter ermee aan de haal. Hoezo volgt uit “elke gemeente apart en daarna gemiddeld” voort, dat het noodzakelijk (in de woorden van de rechter: objectief gebruikelijk) gaat om een rekenkundig gemiddelde, zoals de rechter lijkt te bedoelen en niet een gewogen  rekenkundig of harmonisch gemiddelde? Dat is nu een deductie die je non sequitur zou noemen in de formele semantiek. Er worden scores gegeven dus het is logisch om dan sowieso ervan uit te gaan dat het gaat om een gewogen gemiddelde.

Hoe dat gemiddelde wordt gewogen, en of daar wat over te zeggen valt, dus hoe de inkoper zijn werk gedaan heeft, weten we niet. Je hebt ook nog een kwadratisch gemiddelde en een getrimd gemiddelde. Is er een rekenfoutje gemaakt? Geen idee. Sowieso, wat is een “objectieve (gebruikelijke) betekenis”, is dat een betekenis volgens de taalkunde of volgens de logica? Ik zou echt niet weten waar dat nu weer op slaat, “betekenis”, wat is dat nu weer. Om met Wittgenstein aan te komen is een beetje uitgemolken, er zijn recentere filosofen met relevantere kentheorieën, moeten we het radicaal interpreteren zoals Davidson? Elke natuurlijke taal is in de formele logica haast noodzakelijk intersubjectief.  Daar hadden we rechters toch voor!!

Wat betekenen woorden als de uiter van die woorden niet snapt c.q. niet lijkt te snappen waar hij het over heeft? Het zou natuurlijk kunnen dat er dan toch een betekenis aan zit, ik bedoel hier “betekenis” in de meest platonische zin van het woord. Dat wordt bijvoorbeeld ook wel beweerd van het spreken in tongen. Als je ziel het maar begrijpt, vertrouwde de Eindhovense straatpredikant Arnol Kuiper me nog toe. Als de rechter daar voortaan bij aansluit, voor de interpretatie van bestekken, dan kan de zaak nog voorkomen bij het hemelse gerecht en is juridisch alles afgedekt.

Objectief gebruikelijk zou dus nog een leuk stopwoordje kunnen worden onder hele groepen geïrriteerde inkopers. Ik laat de pragmatische betekenis van deze uitspraak nu maar verder voor de lezer: die is hoop ik nu voldoende duidelijk! Het zal dus nog wel even duren voor heel Holland Limburgs lult.

Mr.drs. S.M. Ploeg

Zie verder:

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:6843

©Wikipedia 2019

 

 

 

 

 

Beoordeling van de kwaliteit in het bestek

 

1.1

Beoordelen van de kwaliteit

De inschrijver dient bij zijn inschrijving een beschrijving te geven van een aantal kwaliteitsaspecten. De kwaliteit wordt semantisch (1) beoordeeld door de opdrachtgever (elke gemeente apart en daarna gemiddeld) met niet, matig, voldoende of uitmuntend. De volgende punten worden hieraan gegeven.

Antwoord Punten

Uitmuntend 10 /Voldoende 6 / Matig 3  Niet/geen toegevoegde waarde 0

Wanneer er geen antwoord wordt gegeven (gevraagde stukken ontbreken)/geen toegevoegde waarde is, dan is dan krijgt u 0 punten.

Binnen het beoordelen van de kwaliteit worden de volgende aspecten beoordeeld. Achter het genoemde onderdeel staat aangegeven hoeveel punten u maximaal kunt verdienen voor dit onderdeel.

– Het plan van aanpak 40 punten  – Duurzaamheid 30 punten – Het risicoplan 20 punten – Het kansenplan 10 punten

Om tot een gewogen score te komen worden de behaalde punten (0-10) vermenigvuldigd:

– Het plan van aanpak factor 4 – Duurzaamheid factor 3 – Het risicoplan factor 2 – Het kansenplan factor 1

U wordt gevraagd een beschrijving te geven van de kwaliteit die u biedt. Deze beschrijving is onderverdeeld in sub-paragrafen (1.1.1. t/m 1.1.4) conform de 4 bovengenoemde onderdelen. Per onderdeel wordt de kwaliteit van uw inschrijving beoordeeld. U kunt derhalve maximaal 100 punten verdienen met de kwaliteit die door u wordt aangeboden.

Daarnaast kunt u 50 punten extra verdienen indien u het gevraagde vervoer geheel met zero-emissie voertuigen verzorgt.

Laatst geupdate op:

redactie Auteur

Geef een reactie