SCP over WMO aanbestedingen: aanbestedingsvorm geen invloed op prijs

Algemeen

Het SCP heeft onderzoek gedaan naar cijfers van het CPB over aanbestedingen in de WMO. Het SCP noemt het opvallend dat de verschillende aanbestedingsvormen elkaar weinig in de prijzen ontlopen, die gemeenten voor de hulp betalen. Voor de eigen bijdragen van gebruikers maakt het niet veel uit in welke gemeente men woont.

Het SCP verklaart de geringe prijsverschillen per type aanbesteding doordat bijna alle gemeenten meerdere aanbieders contracteren – ongeacht de vorm van aanbesteden. Hierdoor hebben gebruikers wat te kiezen en moeten aanbieders hun best doen om klanten te krijgen of te houden. Het beperkte prijsverschil tussen aanbestedingsvormen biedt gemeenten ruimte om bij de aanbesteding te sturen op andere zaken dan de prijs, zoals kwaliteit of lage administratieve lasten van het inkoopproces.

Ook blijken grote aanbieders van huishoudelijke hulp in de gemeente geen hogere prijzen te bedingen dan kleine aanbieders. Als het om de prijs gaat, speelt het marktaandeel van de aanbieder dus nauwelijks een rol. Verder bedingen samenwerkende gemeenten geen lagere prijzen dan gemeenten die zelfstandig inkopen. Toch kan het voor gemeenten aantrekkelijk zijn om samen te werken. Voordelen die een gemeente daarmee kan behalen is vooral gelegen in kennisdeling over de inkoopprocedure en lagere aanbestedingskosten.

Gemeenten kunnen afwijken van de landelijke kaders die bestaan voor het vaststellen van de maximale eigen bijdrage, maar doen dit nauwelijks. Verschillen in eigen bijdragen komen dus niet zozeer door verschillen tussen gemeenten in eigenbijdragebeleid, maar vooral door persoonlijke factoren (zoals inkomen). De decentralisatie van huishoudelijke hulp naar gemeenten heeft dus niet geleid tot grote verschillen in eigen bijdragen tussen vergelijkbare huishoudens die in verschillende gemeenten wonen.

Een verhoging van de eigen bijdrage heeft een beperkt remmend effect op het gebruik. Dit effect geldt zowel voor het aantal gebruikers als voor het afgenomen aantal uren hulp per gebruiker. Ook mantelzorg is niet van invloed. Gemeenten met veel mantelzorgers hebben evenveel gebruikers van professionele hulp als gemeenten met weinig mantelzorgers. Wel gaat de aanwezigheid van mantelzorg gepaard met minder uren huishoudelijke hulp. Tot slot blijkt dat een groter aantal aanbieders samengaat met meer gebruikers.

De markt voor huishoudelijke hulp is sinds 2007 gedecentraliseerd naar gemeenten. Elke gemeente bepaalt sindsdien zelf hoe zij deze hulp aanbesteden. Het CPB en SCP onderzochten welke gevolgen de verschillende aanbestedingsvormen van gemeenten hebben voor de markt voor huishoudelijke hulp en het gebruik ervan door de burger. In het onderzoek kon de kwaliteit van de hulp niet worden meegenomen.

Bron: SCP, 24 februari 2017

 

Zie ook: Protest in Roosendaal tegen aanbesteding thuiszorg naar nieuwkomer Axxiccom

Oldambt wil opnieuw thuiszorg aanbesteden: het moet van Europa

 

Geef een reactie