Opnieuw rechtszaak over kind Horizon (aanbesteding Jeugdzorg Noord Holland)

Opnieuw is er een rechtszaak verschenen over een kind dat bij Transferium had moeten worden geplaatst op vordering van de kinderrechter, terwijl het kind bij Horizon in Castricum is gebleven. De kinderrechter had in een eerdere rechtszaak nadrukkelijk geëist dat naar het belang van de minderjarige werd gekeken in plaats van een aanbestedingsbelang.

Horizon heeft het kind vrij naar de tandarts laten reizen, waarna een steekincident heeft plaatsgevonden. Daarover berichtte Aanbestedingsnieuws al eerder, aan de hand van vermoedens van de familie van het slachtoffer. Een faciliteit voor jeugddetentie is er nu ook niet meer in Noord-Holland. Door de jeugddetentie die daarop is gevolgd is het kind alsnog overgeplaatst naar Veenhuizen in Drenthe en staat nu tweede op de wachtlijst te worden overgeplaatst naar Catamaran in Eindhoven (bij de Grote Beek,) een jeugd GGZ-instelling in het Zuiden. Door de overplaatsing is ook de gemeentelijke regie op de kosten verdwenen en is het kind van hot naar her door Nederland op weg, ver van de ouders verwijderd.

De kinderrechter heeft er dan ook schoon genoeg van dat aanbesteden. Zo blijkt uit de uitspraak dat Horizon onvoldoende personeel zou hebben gehad om de aanvullende veiligheidsmaatregelen te nemen, die de gecertificeerde instelling De Jeugd- & Gezinsbeschermers had aanbevolen.

Op de zitting van de kinderrechter op 11 juni 2020 is de patstelling in de situatie van [de minderjarige] uitvoerig aan de orde gekomen. De kinderrechter heeft vervolgens overwogen dat bij een mogelijke overplaatsing van [de minderjarige] naar een andere instelling gekeken diende te worden naar zijn belang in plaats van de aanbesteding. Ondanks deze uitdrukkelijke overweging van de kinderrechter is [de minderjarige] echter niet overgeplaatst naar een andere jeugdzorginstelling.

Geheel tegen de afspraken met de GI in heeft Horizon [de minderjarige] op 17 juni 2020 op onbegeleid verlof voor een afspraak bij de tandarts laten gaan, volgens de GI opnieuw omdat er een tekort aan personeel was om hem te begeleiden. Die dag heeft het steekincident (diefstal met geweld) plaatsgevonden waarvoor [de minderjarige] in voorlopige hechtenis is geplaatst in [plaats] .

Harreveld en Transferium werden door de GI als alternatief gezien, maar door een lange wachtlijst (Harreveld) en een mogelijke sluiting en te hoge kosten (Transferium) is een overplaatsing naar één van deze instellingen niet gelukt. Daardoor ontstond een patstelling die niet werd doorbroken en die niet in het belang van [de minderjarige] was. [de minderjarige] verbleef op dat moment nog steeds op de studio in Horizon. De GI heeft vervolgens Horizon verzocht maatregelen te nemen om de veiligheid van [de minderjarige] te waarborgen. De aanvullende veiligheidsmaatregelen zijn echter uitgebleven, naar de kinderrechter begrijpt, omdat er onvoldoende personeel zou zijn.
De ouders hebben meldingen gedaan bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en er wordt onderzoek gedaan naar de gang van zaken bij Horizon, locatie Antonius. Vanuit die invalshoek zal duidelijk moeten worden of de door de betrokken instanties verleende hulp aan [de minderjarige] voldoet aan het bepaalde in artikel 4.1.1., tweede lid, van de Jeugdwet.
Uiteindelijk wordt dus een machtiging verleend. De minderjarige schiet daar dus niets mee op. Die komt zo ook niet in transferium terecht, noch in horizon maar in een andere faciliteit voor jeugddetentie, ver van de jeugdzorg-financierende gemeente vandaan.
Zie ook:
https://www.castricummer.nl/veel-kritiek-op-jeugdzorg-in-antonius/ waarin verslag wordt gedaan van hoe betrokkenen beschrijven dat de aanbesteding is verlopen.

redactie Auteur

Geef een reactie