SER: Aanbesteding jeugdzorg leidt tot race naar de bodem

Recent verscheen een SER-rapport SER-verkenning ‘Zorg voor de Toekomst. Het rapport kijkt op hoofdlijnen welke kant het opgaat en op moet met de zorg, onder meer dat er meer lange termijnvisie nodig is. De SER plaatst echter ook kritische kanttekeningen bij de aanbestedingen in de jeugdzorg. Hoewel de SER niet doorpakt en concludeert dat aanbesteden in de jeugdzorg niet kan, trekt het de conclusie dat het leidt tot een race to the bottom onder zorgorganisaties, die onder de kostprijs zorg aanbieden om de opdracht binnen te houden.

Ook heeft de gemeente weinig invloed op de uitgaven aan Jeugdzorg.  Zie pagina 82 en verder:

Tot slot kunnen gemeenten als zorginkoper via in- of aanbestedingen ook tot uitgavenbeheersing komen,

Fragment SER-rapport ©SER 2020

met name door het stellen van scherpe tarieven in de  aanbestedingsopdracht.

De praktijk heeft geleerd dat dit weliswaar werkt, maar gepaard gaat met grote negatieve gevolgen. [Red AN: dan wérkt het dus niet] Door de forse bezuiniging die bij de invoering van de Wmo 2015 (40 procent minder budget) én de Jeugdwet (15 procent minder budget) door de Rijksoverheid werd ingeboekt, is de focus in de gemeentelijke aanbestedingsopdrachten vooral komen te liggen op de financiën.

De aangeboden tarieven lagen veelal net op en vaak onder de kostprijs, waardoor zorgaanbieders gestimuleerd werden om met elkaar te concurreren. Uitgavenbeheersing kwam daarmee in feite te liggen bij de zorgaanbieder. Dit heeft ertoe geleid dat daardoor samenwerkingsverbanden uit elkaar zijn gevallen en zorgorganisaties failliet zijn gegaan. Dit heeft weer een negatief effect gehad op de continuïteit en kwaliteit van ondersteuning en zorg. Bovendien leidde het stellen van tarieven onder de kostprijs tot een race to the bottom onder zorgorganisaties, die dit vervolgens afwentelde op hun werknemers. Inleveren van salaris, kleinere en tijdelijke contracten en ontslagen hebben mede gezorgd voor een grote uitstroom van werknemers en een  slechter imago van de Wmo-sector als werkgever. Als reactie hierop is sinds 1 juni
2017 is de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) ‘Reële prijs Wmo 2015’. Die maatregel lijkt vooralsnog redelijk succesvol in het tegengaan van tarieven onder
de kostprijs, maar zorgt tegelijkertijd ook voor hogere uitgaven aan zorg. Uit het bovenstaande blijkt dat gemeenten veelal beperkte mogelijkheden hebben
om de uitgaven aan Wmo en Jeugdzorg te beheersen. Dit is terug te zien in de zorgen over het beslag dat de financiering van Jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning (Wmo) legt op gemeentelijke begrotingen die de afgelopen jaren stelselmatig de kop op staken.

Zie verder:

https://www.ser.nl/nl/Publicaties/zorg-voor-de-toekomst

redactie Auteur

Geef een reactie