WDC: Aanbesteding verschuift risico’s oninbaarheid naar gerechtsdeurwaarder

Algemeen, Beleid

Grote aanbestedingen hebben het ondernemersrisico van juridische beroepsgroepen versterkt. Dit heeft ertoe geleid dat het risico van oninbaarheid steeds meer bij de gerechtsdeurwaarder is terecht gekomen. Dat stelt het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum WDC in een rapport Juridische beroepen in de Toekomst dat vandaag naar de Tweede Kamer is gestuurd. 

De tarieven voor opdrachtgevers zijn op dit moment volledig vrij. De opdrachtgevers (schuldeisers) moeten de kosten betalen voor de inschakeling van de gerechtsdeurwaarder, maar mogen deze kosten op de schuldenaar verhalen tot het maximum-tarief dat geldt voor schuldenaren.

Voor 2001 werden, als het niet lukte om de ambtelijke kosten op de schuldenaar te verhalen, de kosten van de deurwaarder voldaan door de opdrachtgever. Daarmee was er sprake van weinig ondernemersrisico’s voor de gerechtsdeurwaarder.

In de eerste jaren na de invoering van de Gerechtsdeurwaarderswet was dit ook nog de gebruikelijke gang van zaken. De laatste jaren is er echter een ontwikkeling gaande dat er door steeds meer grote opdrachtgevers forse tariefkortingen worden bedongen via aanbestedingen van grote aantallen zaken.

Het WDC ziet de vraag naar ambtshandelingen afnemen en dat grote opdrachtgevers forse tariefkortingen bedingen. Hierdoor zullen in de toekomst meer kantoren in financiële problemen komen en komt de kwaliteit van de dienstverlening in gevaar.

Zie WDC Cahiers 2016-13,
https://www.wodc.nl/onderzoeksdatabase/2594-flexibilisering-juridische-dienstverlening.aspx

En eerder op deze site:
http://www.aanbestedingsnieuws.nl/derde-aanbesteding-gerechtsdeurwaarders-moet-het-ja-het-moet/

 

 

 

 

 

Geef een reactie