Aanbesteden te juridisch volgens PIANOo

Op zeven oktober schreven wij een kort artikel over het 15 jarig bestaan van PIANOo. De tekst voor dit artikel ontleenden we uit de pagina “Over ons”op de website van Pianoo. In dat “over ons” en in ons artikel staat het volgende citaat: zie ook 15 jaar PIANOo

Professioneel inkopen betekent inkoop koppelen aan de beleidsdoelen, aan de begroting en focussen op doelmatigheid en kwaliteit. Nog te vaak ligt de focus bij inkoop op het volgen van de aanbestedingsregels en op de laagste prijs.

Deze pianissimo opmerking zegt veel maar niet alles. Het zegt in ieder geval genoeg om eens door te borduren op dit fenomeen. Ik zeg door borduren om het begrip filosoferen te vermijden. Schrijver dezes is, hoger en universitair opgeleid bedrijfskundige en bovenal gepokt en gemazeld in het inkoopwereldje, dat is wat ik ben en wat ik niet ben is filosoof, dus het filosoferen laat ik graag over aan dat andere redactielid dat op het juridische en filosofische vlak haar sporen wel verdiend heeft.  Dit wordt dus een bedrijfskundig betoog en hoewel niet gespeend van filosofische statements,(bedrijfskundigen denken ook), strikt zakelijk van opzet.

We nemen als voorbeeld gemeente X in Nederland. Daar zit een echte inkoper van het slag dat we mogen waarderen. Uit zijn mond tekenen we op dat bij zijn indiensttreding hij de enige inkoper was, nu geeft hij leiding aan een groep van 20 ….. allemaal juristen. Het is tekenend voor het aanbesteden en in lijn met wat PIANOo stelt, te veel nadruk op de regels. Het is een gevolg, dat zonder de aanleiding aan te pakken nog jaren zal dooretteren. Er moet garen op de klos komen, zoveel is wel duidelijk.

©Zaz 2016 Wetten in de prullenbak

In de bedrijfskunde wordt vaak in het deelgebied sociale psychologie, het schema van de filosoof Johann Gottlieb Fichte gebruikt. These, antithese, synthese. Een drie-eenheid die aangeeft dat op een geïnitieerde verandering, een tegenkracht actief wordt die uiteindelijk resulteert in een synthese. De restante van de geïnitieerde verandering en de tegenwerkende krachten. Dit is zeker van toepassing op het huidige aanbesteden. De Europese aanbestedingsrichtlijn is zonder de “landelijke koppen” vrijwel direct omgezet naar een Nederlandse wet. Zoals onze mederedacteur stelt: Europees aanbesteden is intrinsiek onmogelijk. De gevolgen zijn duidelijk of om bij Fichte te blijven:

  • These: Wet Europees aanbesteden
  • Antithese: Juridische prietpraat en een overmatig gebruik van de laagste prijs
  • Synthese: zowel de aanbesteder als de inschrijver moeten zich laten begeleiden door externe partijen, de aanbesteder overvoert zijn organisatie ook nog eens met te veel juristen.

(Volgens sommigen is het these, antithese, synthese verhaal niet van Fichte. Maar van wie het ook is gebruiken doen we het toch)

Voorbeelden van verkeerde aanbestedingen geef ik niet en ik bestrijd ook niet dat er echt wel eens wat goed heeft uitgepakt, maar tijd voor een nieuwe these wordt het wel. Laten we eens kijken naar de beginselen van de huidige wet.

  • objectiviteit – elk bedrijf moet op de hoogte kunnen zijn van de te vergeven opdrachten.
  • transparantie – de procedures en regels moeten vooraf duidelijk zijn
  • non-discriminatie – er moeten objectieve selectiecriteria worden toegepast.

Dat eerste punt kan denk ik iedereen mee leven. De tijd van aanplakken op de deur van het gemeentehuis, de publicatie ter inzage in de bekende koffiehuizen etc is wel voorbij. Met Tenderned als platform wordt daar in beginsel ook aan voldaan. De andere punten, ach een deel van de procedure zoals een uiterste inleverdatum en dat soort gepriegel is best in orde, maar voor de rest kunnen zowel punt twee als drie richting kliko.

Een inkoper moet een persoon zijn van onbesproken gedrag, geen corruptie, geen “vriendjes” en maar één doel voor ogen hebben, de best deal voor zijn opdrachtgever. Buiten dat moet de controle op zijn werk en de verantwoording voor zijn werk in verschillende handen liggen. (The Three legged stool). Ondernemingen op hun beurt zijn instellingen met vaak vele jaren ervaring in wat zij doen en hebben hun eigen processen, waaronder gerekend mag worden een offerte proces. Ook zijn ze altijd actief in het scheppen van USP’s (Unique Selling Points), om zich te onderscheiden van hun concurrentie. Als je dan kijkt naar de aanbestedingsdocumenten, met name naar de uitvraag en de wijze van inschrijven, wordt dat met het badwater weggegooid.. Vaak zal de aanbesteder voorschrijven hoe er geoffreerd moet worden, want dat maakt vergelijken zo makkelijk, varianten op de uitvraag zijn niet toegestaan, en de gunningscriteria geven nauwelijks ruimte buiten de uitvraag. Het is vragen om WC-eendje maar dan niet in zo’n kekke fles die onder de rand komt en ook bijna leeg nog goed gedoseerd kan worden. Want, tja als je het ergens vermeld in de uitvraag, dan schrijf je naar één partij toe en dat mag nu niet. Niet echt een motivatie om innovatief te zijn. Non-discriminatie- an me hoela. Het opstellen van een selectiecriterium, gunningscriterium is discriminatie en dus altijd subjectief. Wat voor de een belangrijk is , hoeft dat voor een ander niet te zijn.
Het van te voren te helder doorgeven van gunningscriteria, geeft alleen een inschrijver inzicht in wat hij moet doen om het maximale aantal punten te halen. Het is het handvatten geven aan externe adviseurs. “Winnend aanbesteden”, wij helpen u.

Nee. Inkopen is een magere uitvraag voornamelijk de behoefte bevattend. Je hebt geen behoefte aan een boor van 7 mm, maar aan een gat van 7 mm. Dan ontvang je meerdere offertes, waarschijnlijk niet goed een op een met elkaar te vergelijken. Dan volgt onderhandeling zodat je duidelijk wordt wat er wordt aangeboden. Dan volgt daar vanzelf een zekere voorkeur uit voor een of enkele aanbiedingen. En van daaruit ga je de laatste fase in, de prijs. Want zeker en vast kan er nog wel wat van de prijs af bij de voorkeursofferte. En dan kies je de beste deal. De rest valt af, en hoewel ze dat niet leuk zullen vinden en dat misschien ook wel eens uiten, grond voor een kort geding is er niet, want je hebt vrije keuze.

Kortom de insteek voor een Nederlandse aanbestedingswet moet zijn:

  • objectiviteit – elk bedrijf moet op de hoogte kunnen zijn van de te vergeven opdrachten.

De rest is politiek geleuter en maakt dat aanbesteden geen vorm is van inkopen, maar gestuntel. Samenvattend: als Pianoo afwil van de nadruk op regelgeving en een overheersende laagste prijs, dan zal zij haar best moeten doen op een revisie van de wet. Misschien is uitsluitend objectiviteit wat te kort door de bocht en zijn er nog nuances uit de transparantie te halen. Wat te doen bijvoorbeeld met inkopende ambtenaren die een scheve schaats rijden. Je moet wel een stok achter de deur hebben natuurlijk, maar wellicht is die in een arbeidsovereenkomst beter op zijn plek. In ieder geval moeten we naar een wet toe die echt inkopen ondersteunt. Geen Willie Wortels (met vaak achterhaalde kennis) die een uitvraag tot in detail componeren, geen juristen die kort gedingen proberen uit te sluiten, maar inkopers die aan zet zijn en het beste uit de markt halen.

 

 

 

redactie Auteur

Geef een reactie