Kamervragen CDA en PvdA aanbesteding jeugdzorg

Kamerleden Kuiken en Peters (resp. PvdA en CDA) hebben vragen gesteld over de aanbesteding van de jeugdzorg in de kop van Noord-Holland en dat de gecertificeerde instellingen daar niet aan mee doen. De kamerleden uiten hun zorgen over de ontstane situatie en vragen of de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport die deelt. 

Zij willen onder meer weten of de toekomst van de niet-deelnemende jeugdzorginstellingen hierdoor op het spel kan staan en of gespecialiseerd aanbod van jeugdbescherming hierdoor volledig kan verdwijnen. Ook willen zij weten of dit probleem in meer regio’s speelt. Ook willen zij weten waarom er is gekozen voor een aanbesteding in plaats van subsidiëring.

Bron: Kamerstukken II 2017/18, vraag nr. 2018Z15629

Vraag 1

Kent u het bericht «Jeugdbeschermers weigeren nieuwe contracten met 25 gemeenten in Noord-Holland»?1

Vraag 2

Deelt ook u de zorgen over het feit dat er onvoldoende inschrijvingen zijn geweest om de jeugdbescherming en jeugdreclassering in de genoemde regio’s volledig te kunnen aanbesteden? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?

Vraag 3

Wat betekent het feit dat er onvoldoende reacties zijn binnengekomen op de genoemde aanbesteding voor het aanbod van jeugdbescherming en jeugdreclassering in de genoemde regio’s vanaf 2019?

Vraag 4

Deelt u de mening dat ten gevolge van het feit dat gecertificeerde instellingen niet kunnen voldoen aan de eisen van een aanbesteding, de toekomst van die instellingen op het spel kan komen te staan en (gespecialiseerd) aanbod van jeugdbescherming definitief kan verdwijnen? Zo ja, welke consequenties verbindt u daaraan? Zo nee, waarom niet?

Vraag 5

Wat moet er gebeuren om te waarborgen dat er vanaf 2019 alsnog voldoende aanbod is van jeugdbescherming en jeugdreclassering in deze regio’s? Wat gaat u doen om de continuïteit te waarborgen?

Vraag 6

Zijn u meer regio’s bekend waar de aanbesteding van jeugdbescherming en jeugdreclassering mislukt is? Zo ja, wat is de aard en de omvang van deze problematiek? En welke gevolgen heeft dat voor het aanbod van jeugdbescherming en jeugdreclassering per 2019? Zo nee, beschikt u dan wel over signalen die het noodzakelijk maken dit te onderzoeken?

Vraag 7

Waarom verkiest een deel van de gemeenten de aanbesteding van de jeugdbescherming en jeugdreclassering boven subsidiëring daarvan? In hoeverre levert subsidiëring meer waarborgen voor de continuïteit op?

Vraag 8

Deelt u de mening dat de bij de aanbesteding gestelde eis van tijdschrijven en op basis daarvan bekostigen, tegenstrijdig is aan het doel van het terugbrengen van de administratieve lasten? Zo ja, wat gaat u doen om er bij gemeenten op aan te dringen dat zij deze eisen niet langer gaan stellen? Zo nee, waarom niet?

redactie Auteur

Geef een reactie