Gelderland weert reeën met zandbak (en afschot)

In Gelderland en volgens Gelderland ook in Utrecht wordt een proef gehouden met zandbakken langs de weg. Dat is een proef om te onderzoeken welke maatregelen het best werken om aanrijdingen met reeën te voorkomen. De proef gaat 4 jaar duren. Er is 24 kilometer weg in de proef betrokken: 6 kilometer op de Utrechtse Heuvelrug en 18 kilometer in de Achterhoek.

In de periode 2016-2017 zijn er in Nederland gemiddeld 6.300 reeën per jaar geregistreerd als slachtoffer van een aanrijding op verkeerswegen. De meeste aanrijdingen (35%) vinden plaats in maart, april en mei. Dan zijn reeën relatief actief. Doordat het aantal reeën nog steeds groeit, neemt ook de hoeveelheid aanrijdingen toe.

BIJ12 is volgens een wikipedia pagina in 2013 begonnen als een uitvoeringsorganisatie voor alle provincies en door de provincies (IPO) aangetrokken voor de proef  voor wat betreft het “natuur- en faunabeheer”. Bij12 is een uitvoeringsorganisatie die ook betrokken is bij de LandschappenNL uit de Bilt. Per 1 januari 2016 zijn vrijwel alle activiteiten van De12Landschappen en Landschapsbeheer Nederland ondergebracht bij stichting LandschappenNL.

Wageningen Environmental Research en Van Bommel Faunawerk deden het onderzoek. Ze keken naar het effect van 19 maatregelen. Twaalf worden in ons land toegepast. Dit zijn bijvoorbeeld rasters, faunapassages, wildreflectoren, waarschuwingsborden en het verlagen van de rijsnelheid. Ook het aantal reeën verkleinen door afschot is een maatregel.

Op zogenoemde ‘hotspots’ waar veel reeën oversteken, worden virtuele hekwerken geplaatst. Deze ‘hekken’ bestaan uit sensoren op paaltjes in de berm. Wanneer er koplampen op schijnen, geven ze een geluids- en lichtsignaal dat reeën afschrikt om over te steken. In Nederland wordt deze maatregel nog nauwelijks toegepast. De andere maatregel is het aantal reeën verminderen door gericht afschot in het gebied direct langs de wegen.

Beide maatregelen worden pas in de tweede helft van het onderzoek genomen. De eerste 2 jaar wordt de huidige situatie zonder maatregelen vastgelegd: een nulmeting. Daarvoor zijn sporenbedden aangelegd. Dit zijn zandstroken, meestal 100 meter lang, maximaal 2 meter breed en 15 centimeter dik. Twee keer per week worden in deze sporenbedden sporen afgelezen, daarna worden ze weer aangeharkt. Zo wordt gemeten hoe vaak reeën in de bermen staan en/of oversteken. Ook wordt gedurende de hele periode het aantal aanrijdingen bijgehouden.

Bron: Gelderland, 6 juni 2019

 

redactie Auteur

Geef een reactie