VNG adviseert: jeugdbescherming kan via subsidietraject

Algemeen, zorg

Uit recent onderzoek blijkt dat er maatregelen nodig om reële risico’s op te lossen voor de continuïteit van de jeugdbescherming en -reclassering op regionaal niveau. Uit het onderzoek kwam ook een andere belangrijke uitkomst: aanbesteden is niet verplicht, subsidiëren blijkt mogelijk.

Al langer waren er zorgen over de continuïteit van de uitvoering van de jeugdbescherming en -reclassering op regionaal niveau. Deze zomer bleek uit onderzoek dat er inderdaad reële risico’s zijn, die om maatregelen vragen. Uit dit onderzoek kwam ook naar voren dat subsidiëren mogelijk is en aanbesteden dus niet verplicht.

©ZaZ 2016

Het onderzoek is gedaan door Rebelgroup, in opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Het blijkt dat gemeenten binnen de Jeugdwet behalve de optie van aanbesteden, ook de mogelijkheid om gecertificeerde aanbieders in de jeugdbescherming te subsidiëren. De VNG staat positief tegenover een subsidieconstructie.

RebelGroup-onderzoek

De VNG verwijst hiertoe naar een onderzoek van het Rotterdamse adviesbureau RebelGroup. Volgens dat onderzoek bestaat een verplichting tot aanbesteden van de uitvoering van
kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering als:

  • de financiële vergoeding die aan de gecertificeerde instelling wordt verstrekt moet worden
    aangemerkt als een overheidsopdracht voor de levering van diensten;
  • de waarde van die opdracht een bepaalde drempelwaarde overschrijdt en
  • de gemeente geen beroep kan doen op een van de uitzonderingen op de aanbestedingsplicht.

Volgens het rapport zijn de aanwezigheid van een rechtstreeks economisch belang en de afdwingbaarheid van de overeenkomst essentiële elementen om te kunnen concluderen of sprake is van een overeenkomst onder bezwarende titel en daarmee van een overheidsopdracht die moet worden aanbesteed.

De verschillen tussen subsidie en opdracht noemt het onderzoeksrapport: “subtiel”.

Om de financiële relatie door middel van een subsidie vorm te geven is het ten eerste van belang dat er ook daadwerkelijk sprake is van een subsidie en er niet feitelijk sprake is van de levering van diensten. De hoogte van de vergoeding is – bij de huidige stand van de rechtspraak – ten aanzien van de uitvoering van JB en JR waarschijnlijk het sleutelbegrip voor deze kwalificatie. Anders gezegd: bij een commerciële transactie (behorende bij een opdracht) zal het verstrekte bedrag veelal de kosten van een activiteit plus een zekere winstmarge c.q. risico-opslag dekken. Indien de vergoeding wordt gesteld op maximaal de kosten van de activiteiten zal er in beginsel sprake zijn van subsidie.

VNG advies: subsidievariant met randvoorwaarden

Naar aanleiding van het onderzoek heeft de VNG-subcommissie Jeugd zich gebogen over het vraagstuk en een advies opgesteld. Kern van het voorstel is om de subsidielijn te volgen. Ook worden in het advies zes randvoorwaarden geformuleerd die deels ook door het Rijk en de branche gerealiseerd moeten worden om te kunnen sturen op de transformatie. Het advies vindt u onderaan dit bericht.

De randvoorwaarden zijn:

  • Alleen nieuwe casussen naar een eventuele nieuwe GI
  • Informatieplicht over certificering
  • Voorkomen liquiditeitsproblemen
  • Bovenregionale afstemming en borging early warning
  • Verkorten van doorlooptijden justitiële keten bij overdracht van zaken
  • Transparante kostprijzen

Meer informatie

1. Onderzoek en uitkomsten Rebelgroup

2. Adviesnotitie VNG

3. Kamerbrief

 

Bron: VNG, 17 oktober 2017

Zie eerder:

Weekendspecial: Wob-stukken Rol PIANOo decentralisatie sociaal domein

EZ was al in 2013 op de hoogte van aanbestedingsspook sociaal domein

PIANOo: Aanbesteden in de zorg hoeft niet

Den Haag gaat jeugdzorg regionaal aanbesteden volgens Zeeuws model

Moties ingediend tegen aanbestedingen jeugdzorg

 

Geef een reactie