Kleur verboden: CvA advies schoolmeubilair verschenen
Aanbestedingsnieuws komt weleens bij rare overheidsinstanties. Zo waren we in 2020 bij het RIVM beland. Dat was nog wat psychopathologischer ingericht dan andere overheidsinstellingen, waar vaak nog de jaren ’80 geur hangt. Alles was er grijs. De tafels. Het behang. De laptops. De stoelen. De gordijnen. Ontzettend fijn voor mensen die graag werken in een prikkelarme omgeving, maar het doet Aanbestedingsnieuws een beetje denken aan GGZ documentaires over de isoleercel.

Bij advies 771 van de Commissie van Aanbestedingsexperts is goed te zien hoe het komt. Het gaat om de inkoop van schoolmeubilair. Er komt een beoordelingsteam van leerlingen en docenten die een proefopstelling moeten beoordelen. Daartoe moeten de deelnemers neutraal gekleurd meubilair leveren, zodat heel objectief de kleur niet meeweegt. Maar waarom zou de kleur niet mogen meewegen? Enige subjectiviteit is onvermijdelijk, volgens vaste rechtspraak.
Het wordt veroorzaakt, doordat er actief om wordt gevraagd. Smaak is verboden. Alle kleur heeft een betekenis en alles mag niets betekenen. En mocht er iemand ergens een kleurenwaaier aan hebben gehangen, dan levert dat direct een klacht op van de concurrent. Hoe durf je. Een kleurenwaaier op te hangen aan het meubilair. Heb je dan niet gelezen in de Aanbestedingsleidraad dat er “met een neutrale kleur moest worden ingeschreven?” (klachtonderdeel 1) Kleur is gezeur. En gezeur wil je niet.
In totaal hebben drie ondernemingen een inschrijving ingediend. Onderdeel van de inschrijving was, eveneens op 28 maart 2025, een proefopstelling waarbij de kwaliteit van twee leerlingensets van verschillende hoogtes en een docententafel gedurende de periode van 31 maart tot en met 3 april zou worden beoordeeld door een beoordelingscommissie die geadviseerd werd door
conciërges, leerlingen en leerkrachten.
3.3. Op 31 maart 2025 heeft ondernemer aanbesteder bericht dat hij tijdens de proefopstelling heeft geconstateerd dat een van de inschrijvers een kleurencatalogus
aan een van de stoelen had bevestigd. Volgens ondernemer zou deze inschrijver daarmee een variant hebben ingediend, omdat met een neutrale kleur moest worden ingeschreven en inschrijven met varianten niet was toegestaan
Redder in de nood was de procesbegeleider, die tijdig het verderfelijke kleurenboek wist weg te halen.
Op 1 april 2025 heeft aanbesteder ondernemer geantwoord dat zijns inziens geen sprake is van een verstoring van het gelijke speelveld, omdat de procesbegeleider
van aanbesteder alle extra informatie, inclusief de kleurencatalogus, overeenkomstig de leidraad vóór de start van de beoordeling heeft verwijderd. Aanbesteder
bevestigt dat het niet mogelijk was twee verschillende opstellingen op te stellen en in te dienen.
Alleen dat zeggen, is helaas niet genoeg. Dat is iets waarvoor je echt ondernemer moet zijn om te begrijpen hoe erg het is. Niets is zo erg als een opdracht verliezen. De makers geloven immers enorm in het werk dat ze zelf maken. Er hangen carrières en levenswegen vanaf. Het enkele zeggen, dat het geconstateerde geen invloed had op de beslissing, is niet genoeg. Dat neemt het gevoel van onrecht niet weg. Heb je zo je best gedaan om alle kleur weg te halen en de stoel zo neutraal mogelijk te maken terwijl je dat eigenlijk niet wil doen omdat je zo gelooft in kleur. En dan komt die concurrent met een kleurenwaaier. Ja, natuurlijk win je dan de aanbesteding. Iedereen wint een aanbesteding met kleur. Als kleur ineens weer mag. Het toont ook het gebrek aan vertrouwen van de markt in een aanbestedende overheid. De verliezende ondernemer dient een klacht in over de aanbesteding, de winnende ondernemer had een kleurencatalogus bevestigd. Dit weegt enorm zwaar. Ook al zullen leerlingen en docenten zich afvragen, waar dit dan toch over gaat.
5.2. Ondernemer onderbouwt zijn klacht dat een van de twee overige inschrijvers uitgesloten had moeten worden van de aanbesteding, vanwege het feit dat deze
heeft ingeschreven met een variant, als volgt.
5.2.1. Ondernemer meent dat er duidelijke aanwijzingen zijn dat een van de twee overige inschrijvers een variant heeft ingediend op de opstelling van tafels en stoelen
die werd getoond tijdens de proefopstelling. Aan een stoel van een van de leerlingensets was namelijk bij de proefopstelling een kleurencatalogus bevestigd,
waarmee volgens ondernemer verschillende kleurkeuzes werden aangeboden. Dit zou volgens ondernemer niet zijn toegestaan, omdat in de aanbestedingsdocumentatie staat dat inschrijvers een neutrale kleur moeten aanbieden die geschikt is voor een schoolomgeving. Als bewijs dat een kleurencatalogus was bevestigd aan het leerlingensetje heeft ondernemer een foto van de betreffende stoel en tafel aan de Commissie overhandigd.
Zoom uit en zie hoe de klacht in behandeling komt bij het loket, doorgestuurd wordt naar de dienstdoende professor, op het bureau ligt bij de griffie. Daar zit je dan de aanbestedingsexpert te beslissen in je grijze kantoor met je grijze vloerbedekking, over de kleur van de stoelen van de middelbare school ergens. En Aanbestedingsnieuws zei nog zo, je kan niet met 16 miljoen Nederlanders gaan beslissen over de kleur van de stoelen van stadsdeelkantoor zuidwestoostnoord. De aanbestedingsexperts besteden er weinig woorden aan.
5.5. De Commissie komt tot het oordeel dat de klacht van ondernemer in dit klachtonderdeel ongegrond is. Het bevestigen van een kleurencatalogus aan een stoel
die bedoeld is voor de proefopstelling, kan niet worden aangemerkt als het aanbieden van een variant.
Klagen heeft zin. De tweede klacht van de ondernemer is echter wel gegrond:
Heeft aanbesteder de beoordeling van de leerlingensets met 0 punten onvoldoende onderbouwd (klachtonderdeel 2)?
Tot slot merkt de Commissie op dat aanbesteder op de klacht van ondernemer dat evenwicht in de beoordeling ontbreekt omdat de docententafel wel goed is
beoordeeld en de leerlingensets juist niet, heeft geantwoord dat de inhoudelijke beoordeling van de leerlingensets losstaat van de docententafel. De Commissie is het eens met aanbesteder dat een goede beoordeling van de docententafel niet automatisch betekent dat de leerlingensets daarmee ook goed zouden moeten worden beoordeeld. Op grond van deze grote tegenstelling in de beoordeling van beide sets zou naar het oordeel van de Commissie van aanbesteder echter wel mogen worden verwacht dat hij nader toelicht waar dit grote onderscheid in beoordeling nu precies in zit. De Commissie constateert dat aanbesteder dit niet heeft gedaan.5.38. Op grond van het bovenstaande is de Commissie van oordeel dat aanbesteder niet heeft voldaan aan de hoge eisen die aan de motivering van de gunningsbeslissing in dit geval worden gesteld. Aanbesteder heeft onvoldoende uitgelegd waarom de leerlingensets van ondernemer zijn beoordeeld met een puntenscore van nul. Daarmee heeft aanbesteder niet voldaan aan zijn motiveringsverplichting. Ondernemer is hierdoor de mogelijkheid ontnomen inzicht te krijgen in wat hij al dan niet goed heeft gedaan, wat hij beter had kunnen doen en na te gaan of de beoordeling correct is verlopen.
En dat is een waarschuwing die CvA-watchers ook al vaker hebben gezien. Het is voor inkopers vaak moeilijk een gunningsbeslissing te motiveren, zeker wanneer er een bepaalde onverschilligheid over de koop is ontstaan omdat er niet door de inkoper zelf wordt beslist maar door een beoordelingsteam. Wat is dan de motivatie van dat beoordelingsteam? Ja daarom, die is mooier. Daarom is geen reden. Als je van de trap afvalt….
Zie ook: CvA 18 augustus 2025, advies 771
